De energietransitie vraagt niet alleen om nieuwe bronnen van energie, maar ook om nieuwe manieren om energie op te slaan en te gebruiken. Groene waterstof wordt daarin vaak genoemd als een onmisbare schakel. Als vervanging van elektriciteit, maar vooral ook als energiedrager voor sectoren waar directe elektrificatie lastig is.

Tegelijkertijd is groene waterstof nog volop in ontwikkeling. En dan vooral qua marktontwikkeling en wet- en regelgeving. Juist dat maakt het werk van de omgevingsmanager in dit domein anders. Want hoe organiseer je draagvlak voor iets wat in ontwikkeling is? En hoe beweeg je in een speelveld waar beleid, markt en infrastructuur zich gelijktijdig ontwikkelen?

Onze rol: meer dan omgevingsmanager

Bij de ontwikkeling van groene waterstofprojecten reikt de rol van de omgevingsmanager verder dan gebruikelijk. Dat komt doordat twee belangrijke randvoorwaarden nog in beweging zijn.

Allereerst is het beleidskader nog volop in ontwikkeling. Subsidies, wet- en regelgeving en nationale doelstellingen zijn niet statisch, maar veranderen in de tijd. Tegelijkertijd moet ook de markt zich nog vormen. De vraag naar groene waterstof, en daarmee de businesscase, is niet altijd vanzelfsprekend.

Dat betekent dat we niet alleen werken aan het organiseren van draagvlak in de omgeving, maar ook aan het verbinden van beleid, markt en projectontwikkeling. In de praktijk vervullen we daarmee een hybride rol: als omgevingsmanager, als public affairs adviseur en vaak ook als strategische sparringpartner van projectontwikkelaars.

We schakelen tussen ministeries, provincies, gemeenten, netbeheerders en industriële afnemers. We helpen randvoorwaarden vormgeven, waardoor de projecten mogelijk worden.

Wat dit ons leerde

1. Schakel tussen beleid, markt en omgeving

Wat opvalt bij groene waterstof is de gelaagdheid van het speelveld. Vrijwel iedere bestuurslaag heeft een rol: van landelijke subsidies en regelgeving tot provinciale inpassing en gemeentelijke besluitvorming.

Daarbij komt dat meerdere beleidsdossiers samenkomen. Denk aan de beschikbaarheid en aanlanding van duurzame elektriciteit, de ontwikkeling van transport- en opslaginfrastructuur en de vraag vanuit de industrie. Als omgevingsmanager beweeg je daarmee continu tussen deze dossiers en niveaus.

Enerzijds ben je bezig met de directe omgeving van een project, en tegelijkertijd met het navigeren van politieke besluitvormingsprocessen op alle bestuurslagen.

2. Bouw aan een brede coalitie

In regio’s waar de economie historisch sterk verbonden is met fossiele energie, wordt waterstof vaak gezien als de basis voor de toekomstige economie.

In de praktijk zien we dat er een brede coalitie van medestanders ontstaat: energiebedrijven, industrie, overheden en ook milieuorganisaties. Dat creëert ruimte voor samenwerking en verbreedt het maatschappelijk draagvlak voor de projecten.

Door die coalitie actief te organiseren en te verbinden, ontstaat er momentum. En dat momentum is vaak nodig om projecten daadwerkelijk van de grond te krijgen.

3. Pas je aanpak aan op de locatie

Niet elk waterstofproject is hetzelfde. Het verschil tussen greenfield- en brownfieldontwikkeling is daarbij groot. Op brownfieldlocaties, bestaande industriële gebieden, is vaak al infrastructuur aanwezig en is de omgeving gewend aan industriële activiteit. Als omgevingsmanager richt je je daar vooral op de samenwerking tussen bedrijven en overheid en het zorgvuldig inpassen van nieuwe ontwikkelingen binnen bestaande structuren.

Het vergroten van draagvlak op een greenfieldlocatie, waar een project in een relatief nieuwe omgeving landt, vraagt om een andere aanpak. Dit vraagt meer tijd en aandacht om vertrouwen op te bouwen en legitimiteit te creëren.

Bovendien vergt het intensieve afstemming met de provincie, die vaak het voortouw heeft in de herbestemming van bijvoorbeeld landbouwgrond naar industriële functies. Daarbij zie je dat verschillende partijen andere uitgangspunten hanteren in participatie. Waar je als omgevingsmanager van een ontwikkelaar de omgeving vroegtijdig wilt betrekken, hecht de provincie vaak waarde aan een zorgvuldig en gelijk speelveld. Dat betekent in de praktijk dat zij eerst beleidskaders of een inpassingsplan verder willen uitwerken voordat er actief naar buiten wordt gecommuniceerd.

Die verschillen in tempo en benadering kunnen spanning opleveren. Juist daar ligt de rol van de omgevingsmanager: het overbruggen van die werelden. Door verwachtingen te managen, het gesprek tussen partijen te organiseren en te zorgen dat participatie zorgvuldig én op het juiste moment plaatsvindt. Alleen zo voorkom je dat het proces vastloopt of het draagvlak onder druk komt te staan.

Waarom dit ertoe doet

Groene waterstof laat zien hoe de rol van de omgevingsmanager verandert. Naast het betrekken van de omgeving bij concrete projecten, gaat het ook om het vormgeven van de randvoorwaarden en kaders. Dat vraagt om een bredere blik. Om het vermogen om te schakelen tussen beleid, markt en omgeving.

Daar zit ook onze rol. Wij bewegen mee met de ontwikkeling van de energietransitie, en zorgen dat projecten niet alleen technisch en financieel kloppen, maar ook maatschappelijk landen.Want uiteindelijk geldt ook hier: nieuwe energie vraagt om nieuwe vormen van samenwerking. En zonder draagvlak komt ook deze transitie niet van de grond.

Alex Panhuizen is senior omgevingsmanager bij Publyon SOM en is expert in het creëren van politiek-bestuurlijk en maatschappelijk draagvlak. 

Meer weten? Neem contact op met Alex Panhuizen