De energietransitie vraagt om ruimte. Maar in Nederland is die ruimte niet vanzelfsprekend. Verschillende functies, belangen en waarden liggen dicht op elkaar. Juist daar wordt de rol van de omgevingsmanager zichtbaar: hoe organiseer je draagvlak als elke keuze ergens anders pijn doet?
De gemeente Utrecht stond voor die uitdaging. Er moesten zoekgebieden worden aangewezen voor windenergie en aardwarmte. Tegelijkertijd was er al stevige maatschappelijke weerstand, onder andere rondom de mogelijke komst van windmolens bij Rijnenburg. En binnen de gemeentegrenzen kwamen uiteenlopende opgaven samen: de monumentale waarde van de Hollandse Waterlinie, bestaande industriële belasting in gebieden zoals Lage Weide, het dichtbevolkte stedelijk gebied en kwetsbare natuur zoals Amelisweerd.
De vraag was dus niet alleen waar kan het, maar vooral: hoe kom je tot een besluit dat uitlegbaar is en voldoende draagvlak heeft?
De rol van een omgevingsmanager: bewoners op de stoel van de besluitvormer
Onze rol lag in het ontwerpen en begeleiden van het participatieproces. Daarbij maakten we een bewuste keuze. In plaats van een klassiek inspraaktraject, waarin vooral standpunten worden opgehaald, wilden we bewoners laten ervaren hoe complex deze afwegingen daadwerkelijk zijn.
We ontwikkelden daarom, samen met Populytics, een raadpleging waarin bewoners als het ware op de stoel van de besluitvormer werden gezet. Niet alleen reageren op plannen, maar zelf keuzes maken tussen verschillende gebieden met alle bijbehorende dilemma’s. Wat we daarmee ophaalden, was niet alleen weerstand of steun, maar inzicht in hoe bewoners zelf afwegingen maken.
Als omgevingsmanager helpt zo’n aanpak om het gesprek te verdiepen. Het gaat niet langer alleen over vóór of tegen, maar over het begrijpen van belangen, waarden en keuzes.
Wat dit project ons leerde
1. Voorkom schijnparticipatie
Bij dit soort vraagstukken is de beïnvloedingsruimte niet onbeperkt. Er zijn technische, ruimtelijke en financiële randvoorwaarden en er zijn politieke kaders. Dat betekent dat je eerlijk moet zijn over wat wel en niet kan.
In Utrecht hebben we er daarom bewust voor gekozen om het proces te positioneren als draagvlakonderzoek, en niet als een klassiek inspraaktraject. Daarmee voorkom je dat je verwachtingen wekt die je niet kunt waarmaken. Voor een omgevingsmanager is dat cruciaal: draagvlak ontstaat niet door mensen overal over mee te laten beslissen, maar door transparant te zijn over de ruimte die er wél is.
2. Bouw voort op wat er al is
In een stad als Utrecht is participatie geen blanco canvas. Er bestaan al structuren, netwerken en groepen bewoners die actief betrokken zijn. Denk aan milieuraden en bestaande gebiedsprocessen.
Door deze groepen vanaf het begin te betrekken, voorkom je dat je het proces opnieuw uitvindt of participatie “dubbelop” organiseert. Tegelijkertijd profiteer je van hun kennis van de omgeving en de geschiedenis van eerdere trajecten. Dat maakt het proces niet alleen efficiënter, maar ook inhoudelijk sterker.
3. Maak complexiteit inzichtelijk
Een belangrijk kenmerk van dit project was de gelaagdheid in besluitvorming. Niet alleen de gemeente, maar ook provincie en Rijk speelden een rol. Dat betekent dat er verschillende kaders en momenten van besluitvorming zijn.
Voor bewoners is dat vaak lastig te overzien. Door de raadpleging zo te ontwerpen dat deze ook een informatieve functie had, hielpen we om die complexiteit inzichtelijk te maken.
Waarom dit ertoe doet
Het bepalen van zoekgebieden voor duurzame energie laat zien hoe complex ruimtelijke keuzes in Nederland zijn geworden. Zeker in stedelijke gebieden, waar functies, belangen en waarden elkaar voortdurend raken.
Voor een omgevingsmanager betekent dit dat het werk verder gaat dan het ophalen van meningen. Het gaat om het organiseren van een proces waarin mensen begrijpen wat er speelt en moeilijke keuzes daardoor om meer begrip kunnen rekenen, óók als ze pijn doen.
Isabelle van Rossum is directeur bij Publyon SOM en is gespecialiseerd in het creëren van politiek en maatschappelijk draagvlak voor controversiële projecten.
Meer weten? Neem contact op met Isabelle van Rossum.

